Je werkt met drie korte check-ins per dag, een eenvoudig puntensysteem en een wekelijkse terugblik. Zo houd je bij wat je doet, hoeveel inspanning activiteiten van je vragen en hoe je je gedurende de dag voelt.
Je kijkt terug op je activiteiten en de signalen die je merkte. Hoe voelde je je later op de dag? Wat ging anders dan je had verwacht? Misschien ontdek je dat een combinatie van activiteiten meer van je vroeg dan je vooraf dacht, of dat bepaalde omstandigheden invloed hebben op hoe je je voelt.
Je hoeft niet meteen te weten waardoor dat komt. Door je ervaringen bij te houden en er regelmatig op terug te kijken, leer je stap voor stap patronen herkennen. Dat kan je helpen om beter in te schatten wat haalbaar is en bewuster keuzes te maken bij het plannen van je week.